Overzicht portfolio

Tuinen | huize wylerberg

>
>
Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg, Saskia de Wit, huize wylerberg,

Locatie: Beek-Ubbergen
Oppervlakte: 2 ha
In opdracht van: Staatsbosbeheer
Ontwerp: 2010
Uitvoering: niet uitgevoerd

oorspronkelijk ontwerp

Van het oorspronkelijke tuinontwerp is weinig bekend. Het is waarschijnlijk ontworpen door Heinrich Friedrich Wiepking Jürgersmann. Er bestaan twee plattegronden, maar die staan vrij ver af van de situatie in het veld, en zijn dus waarschijnlijk schetsontwerpen en niet zodanig uitgevoerd. Het meeste beeldmateriaal stamt uit de jaren ‘50, en het is duidelijk dat er ten opzichte van het oorspronkelijke ontwerp toen al kleinere en grotere veranderingen hadden plaatsgevonden. Zo is de beplanting op de foto’s meer jaren ‘50, dan jaren ‘20, en past het slingerende pad niet in de taal van het oorspronkelijke ontwerp.

De tuin is ontworpen als eenheid met de architectuur van het huis. Het ontwerp is gebaseerd op een assenkruis dat huis, tuin en landschap met elkaar verbond. De terrassen zijn ingezet als bemiddeling tussen het kristalvormige huis en de helling. De assen, het programma van het huis en het reliëf hebben geresulteerd in vier tuindelen met een eigen karakter: noordwest (entree) - voorplein met bos tot aan terras, de zuidelijke en noordelijke boomgaard isolerend; noord-oost (muziekzaal) - fruitboomgaard; zuidoost (woonkamer) - terras met rozentuin (of vetplantentuin) en bessenterrassen, begrensd door fruitbomen en bloesemstruiken; en zuidwest (eetkamer) - terras met twee kastanjes, geterrasseerde helling en daarachter een fruitboomgaard.

expressionistische tuinen

De expressionistische weergave van natuur is abstract en gestileerd. In de weinige nog bestaande expressionistische tuinen is dit vertaald als een tweedimensionale compositie van lijnen en vlakken in geometrische vormen, gemaakt van zowel levende als dode materialen, en ingekaderd als een schilderij. Per vlak wordt over het algemeen slechts één materiaal toegepast, in het geval van beplanting laagblijvende eenjarigen, vaste planten of heesters die een aaneengesloten vlak vormen, of planten met een sterk sculpturale vorm. Daarnaast worden solitaire planten toegepast op dezelfde wijze als sculpturen of waterwerken: centraal in de compositie.

ruimtelijk concept

Het herontwerp van de tuin bij Landgoed Wylerberg heeft als uitgangspunt het ruimtelijk concept uit de oorspronkelijke ontwerptekening, dat weliswaar soms verwaterd is of deels onuitgevoerd, maar in de basis nog aanwezig. Waar kennis ontbreekt wordt dit aangevuld met algemene inzichten over expressionistische tuinen. Er wordt echter niet rigide te-ruggerestaureerd naar een vast moment in de tijd (ook omdat niet duidelijk is in hoeverre het ontwerp daadwerkelijk is uitge¬voerd); resten uit latere fasen die nog aanwezig zijn, worden gehandhaafd en nieuwe elementen worden toegevoegd. Ten opzichte van het oorspronkelijke ontwerp worden vormen vereenvoudigd en nieuw toe te voegen elementen volgen de vormentaal van het huis. Belangrijkste uitgangspunt is het assenkruis, vertaald in vier duidelijk van elkaar onderscheiden tuinreeksen. 

materialisering

“Nichts vermag Haus und Garten starker zu binden als Mate¬rialverwandschaft. Vor allem gilt es das Material des Sockels vom Haus im Garten weiterklingen zu lassen.” Het materiaal-gebruik is terughoudend, verwant met de eenvoudige gestucte wanden van het huis. 

 

beplanting

Gezien het gebrek aan informatie over de oorspronkelijke beplanting en de wens om een onderhoudsarme beplanting te maken, wordt een beplantingsbeeld voorgesteld dat is gebaseerd op de expressionistische voorbeelden uit dezelfde periode: grote, aaneengesloten vlakken van bloeiende planten in heldere, uitgesproken kleuren.

entree-as

De entreezijde heeft een formele en sobere uitstraling. Waar nu de ruimtes ongedefinieerd in elkaar overlopen, wordt gestreefd naar een heldere opeenvolging van ruimtes: parkeerplaats – omsloten gazon – voorplein. De parkeerplaats wordt verscholen in het bos, zodat er een duidelijke overgang ontstaat tussen bos en open ruimte. De laan gaat door een vernauwing heen voor ze op het weidse gazon uitkomt en het zicht op de gevel zich openbaart. Hiertoe wordt een heesterbeplanting langs de parkeerplaats aangebracht. De blik wordt zo gericht op het huis, nog niet afgeleid door het dramatische uitzicht over het dal. Dit uitzicht wordt uitgesteld tot de muziekzaal. Om dit te bewerkstelligen wordt een hazelaarsbosje aangeplant als zichtbuffer, een visuele scheiding tussen gazon en boomgaard. Oorspronkelijk stond er een boom voor de gevel. Deze wordt teruggebracht en aangevuld door een grassenborder als nieuw element. De hedendaagse siergrassen laten zien dat dit nieuwe ingreep is. Door de open weide sterk te definiëren met beplanting aan weerszijden en door de dieptewerking die ontstaat door de boom en de grassenborder, krijgt de gevel de aandacht die ze verdient.

zitkamer-as

Dit is het meest complexe en subtiele tuinensemble, de tegenhanger van de eenduidige en dramatische entree-as. Om dit ensemble goed te laten functioneren moeten alle elementen en vooral hun grenzen helder zijn: terras – verdiepte tuin – terrassen – bomenrij - bosrand.

De aanwezige rij met bijzondere bomen – fruitbomen en bloesembomen - legt de link met de boomgaard. Er zijn een aantal gaten in gevallen, die weer worden aangevuld met Cercidiphyllum japonicum, Parrotia persica, Prunus serrula en lage bloeiende heesters: Hamamelis, Viburnum, Corylopsis. Het bovenste terras wordt beplant met grote groepen laagblijvende bloeiende heesters: Rhododendron obtusum, Chaenomeles, Rubus en Viburnum.

De verdiepte tuin heeft (in werkelijkheid of alleen in plannen is niet duidelijk) verschillende invullingen gehad: rozen- of bloementuin en vetplanten- of rotstuin. Terugkerend naar het oorspronkelijk idee wordt dit een rozentuin, maar dan uitgevoerd als één aaneengesloten vlak, eenvoudig in onderhoud. Het oorspronkelijke pad wordt teruggebracht. 

De betontegels op het terras zijn duidelijk uit een later periode, waarschijnlijk de jaren ‘50. Bestrating bestond in de jaren ‘20 meestal uit betonplaten, flagstones of brede klinkers. Om beter aan te sluiten op het huis wordt een bestrating aangebracht van grootformaat betontegels, in diagonaal verband.

eetkamer-as

De as werd oorspronkelijk ingezet door twee kastanjebomen, die te dicht bij de gevel stonden en erg veel zonlicht wegnamen, en dan ook inmiddels verwijderd zijn. Maar ze waren bepalend voor het gevelbeeld, dat zonder de bomen vrij vlak is. Hiervoor worden twee nieuwe bomen geplant, verder uit de gevel en met een transparante kruin: Gleditisia triacanthos.

De bijgebouwen scheiden het voorplein van het zuidwestelijke terras, en maken hier een intieme en beschutte plek van. De profilering van de helling draagt hieraan bij en wordt teruggebracht als architectonisch, ruimtebepalend element, beplant met een bodembedekkend tapijt van Rubus pentalobus ‘Emerald Carpet’. De grens van de helling is scherp, zowel in materialisering als in lijnvoering en wordt gemarkeerd door een betonnen rand. De boom die de as beëindigt, wordt als monumentaal object behandeld, vrij van de omringende beplanting.

Vanaf het terras voerde een bakstenen pad de heuvel op - waarschijnlijk daterend uit de tweede bewoningsperiode in de jaren ‘50. Bij het herstellen van dit pad is opnieuw een terrasje aangelegd, maar zonder een bewuste plaatsbepaling. Dit wordt vervangen door een theeterras, dat deel uitmaakt van de vormentaal van de helling en de overgang tussen tuin en landschap markeert. Het terras ligt in de as tussen eetkamer en bestaande linde.